Brief Tweede Kamer met pleidooi voor uitzondering opt-in voor goede doelen

Met het oog op het schriftelijk overleg in de Tweede Kamer over het wetsvoorstel opt-in voor telemarketing heeft Goede Doelen Nederland een brief met position-paper aan de vaste Kamercommissie EZK gestuurd.

Eind maart heeft staatssecretaris Keijzer het wetsvoorstel wijziging wet telecommunicatie t.b.v. opt-in naar de Tweede Kamer gestuurd. De behandeling van de wet zal niet voor het zomerreces plaatsvinden. Wel vindt er een schriftelijk overleg plaats. Met het oog daarop heeft Goede Doelen Nederland een brief met position paper aan de vaste Kamercommissie EZK gestuurd.

Uitzondering opt-in voor goede doelen
In de brief wordt een pleidooi gehouden om erkende goede doelen uit te zonderen van het opt-in regiem. In de position-paper wordt dit puntsgewijs toegelicht. Als dit wetsvoorstel wet wordt, is het voor goede doelen namelijk niet meer mogelijk om mensen, zonder toestemming vooraf, telefonisch te benaderen voor steun of hulp, tenzij er sprake is of recent is geweest van een financiële relatie (de klantrelatie). De gevolgen voor het werk van goede doelen zullen groot zijn. Goede doelen vervullen een belangrijke rol in de samenleving en moeten het publiek kunnen vragen om hulp en steun. Zeker aan dié mensen die op de één of andere manier al betrokken zijn bij de missie van een goed doel. Hier blijkt onder de Nederlandse bevolking ook veel meer veel meer draagvlak voor te zijn dan aanvankelijk werd verondersteld. Aanvullend onderzoek in opdracht van Goede Doelen Nederland en Nederland Filantropieland toont aan (anders dan het Kantar onderzoek dat in opdracht van de overheid is uitgevoerd) dat burgers in overgrote meerderheid geen bezwaar hebben tegen een telefonische benadering door goede doelen.

Pleidooi en onderbouwing
Wij vinden dat het voor CBF-erkende goede doelen mogelijk moet blijven om telefonisch een beroep te doen op de steun van het publiek. Wij dragen hiervoor zeven argumenten aan:

1. De belangrijke maatschappelijke rol van goede doelen
2. Het sterk zelfregulerende karakter van de sector
3. De bijzondere positie van goede doelen versus commerciële organisaties
4. Het grote belang van persoonlijk (telefonisch) contact
5. Het feit dat goede doelen in de regel alleen mensen bellen die al betrokken zijn bij hun missie
6. De grote gevolgen voor het werk van goede doelen
7. Onvoldoende genuanceerd onderzoek als basis voor het wetsvoorstel

Ook vinden wij de in het wetsvoorstel opgenomen definitie van de klantrelatie voor goede doelen niet passend. Juist mensen die betrokken zijn bij de missie van een goed doel moeten telefonisch benaderd kunnen worden voor hulp of steun.

Klik hier voor de brief aan de Tweede Kamerleden
Klik hier voor de position-paper (met onderbouwing en toelichting van de zeven argumenten)
Klik hier voor de resultaten van het Zest onderzoek .


Geplaatst/gewijzigd op 8 mei 2020